Hoe hecht is hechting deel 2

Hoe hecht is hechting deel 2

In het vorige deel over hechting werd al duidelijk hoe belangrijk een goede en veilige hechting aan je ouders of verzorgers is. Dat hechting zelfs van levensbelang is en dat het niet veilig of op een goede en gezonde manier hechten aan je ouders in je vroege jeugd haast onvermijdelijk lijdt tot allerlei emotionele en psychische problemen.

Een slechte hechting of je niet goed kunnen hechten kan vele oorzaken hebben. Kinderen die zijn opgegroeid in kindertehuizen of daar lang hebt moeten verblijven. Kinderen die (langdurig) worden geplaatst in een pleeggezin. Het kan zijn dat een kind langdurig in het ziekenhuis moet worden opgenomen. Soms zijn ouders niet opgewassen tegen de verantwoording die ze moeten dragen, het kan ontzettend overweldigend zijn om de verantwoording te dragen voor een nieuw leven. Ook ouders die te weinig aandacht hebben voor hun kind kan een oorzaak zijn. Een belangrijke oorzaak ligt bij ouders die zelf niet goed of veilig gehecht zijn.

De Laatste jaren word door de wetenschap en de hulpverlening steeds meer een verband gelegd tussen een slechte/ ongezonde of verstoorde hechting en bijvoorbeeld; relatie problematiek, aandacht en leerstoornissen (ADHD), drugsgebruik, co-dependency, angst en stemmingsstoornissen. Maar ook de meer ernstige psychiatrische stoornissen, (persoonlijkheidsstoornis) zoals borderline, antisociale persoonlijkheidsstoornis, narcisme, depressiviteit en anorexia worden bijna altijd in verband gebracht met onveilige hechting in de vroege jeugd.

In het Adult Attachment Interview, staat bovendien beschreven, dat bepaalde vormen van deze stoornissen gelinkt lijken te zijn aan een bepaalde hechtingsstijl. Stoornissen waarbij de aandacht niet op het eigen gevoel worden gericht, zoals vijandige vormen van depressie, eetstoornissen, drugsgebruik en verslaving, naar buiten gerichte, vormen van angststoornissen) Lijken over het algemeen gelinkt te zijn met een afwijzend-vermijdende hechtingsstijl. Stoornissen waarbij men opgaat in het eigen gevoel, zoals bij de borderline persoonlijkheidsstoornis en bij naar binnen gerichte vormen van depressie en angst, zijn gelinkt met een angstige-vermijdende hechtingsstijl (Dozier, Stovall-McClough, & Albus, 2008).Deze hechtingsstijlen zijn onder te verdelen in 4 type.

 Type 1: Veilige hechting

Mensen met een veilige hechtingsstijl hebben meestal stabiele relaties, hebben vertrouwen in anderen en staan ook open voor hun eigen emoties. Ze hebben een gezond gevoel van eigenwaarde en zijn niet bang voor intimiteit, maar zijn ook niet bang om alleen te zijn. Ze hebben een gezond evenwicht ontwikkeld tussen zelfstandigheid en afhankelijkheid. 

 

Type 2: angstig-obsessieve hechting

Mensen met een angstig-obsessieve gehechtsstijl worden in beslag genomen door zorgen. Ze hebben een laag gevoel van eigenwaarde. De balans is door geslagen naar de afhankelijke kant. Ze voelen zich onzeker over zichzelf en hun partner. Ze hangen erg aan hun partner en wil het liefst al hun emoties en gedachten met hem/haar delen. Ze hebben vaak snel last van verlatingsangst en onredelijke jaloezie.

Type 3: afwijzend-vermijdende hechting

Bij mensen met een afwijzend-vermijdend gehechtsstijl, slaat de balans nog sterker door naar de onafhankelijke kant. Zijn afstandelijk en hebben heel weinig behoefte aan intimiteit en binding. Het staat ze tegen om gevoelens en gedachten te delen en vinden het vervelend om afhankelijk te zijn of als er iemand afhankelijk van hun is. Ze zijn liever alleen dan samen. Ze willen zich liever niet binden. Zij hebben vaker last van bindingsangst

Type 4: angstig-vermijdende hechting

Mensen met een angstig-vermijdend gehechtstijl zijn bang om gekwetst te worden en zich bloot te geven. Ze zijn bang voor emotioneel contact, maar zijn tegelijkertijd in relaties erg afhankelijk van anderen. Ze hebben geen vertrouwen in de wereld en de mensen om hun heen als gevolg van hun onveilige jeugd. Ze wantrouwen de ander en zijn altijd bang om in de steek gelaten te worden als ze zich kwetsbaar opstellen. Een diep gewortelde angst voor afwijzing is hiervan de oorzaak. Deze mensen hebben dus een combinatie van bindingsangst en verlatingsangst.

Iemands gehechtheidsstijl lijkt redelijk stabiel te zijn, maar toch is het mogelijk dit te veranderen en jezelf verder te ontwikkelen.

Bron:

het Adult Attachment Interview

Bartholomew en Horowitz (1991)

Mariella Medina

Synergy coaching & counseling

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *